Wil je je kruipkelder zelf isoleren? Dan ben je zeker niet alleen. Steeds meer mensen zoeken naar een eenvoudige manier om hun kruipruimte droger, warmer en comfortabeler te maken zonder grote werken, breekwerken of ingewikkelde plaatsing.
Met isolatiechips kan je zelf aan de slag. De chips worden los op de bodem van de kruipkelder aangebracht of ingeblazen met een doe-het-zelfblazer. Daardoor is deze methode vooral interessant voor lage, vochtige of moeilijk bereikbare kruipruimtes.
In dit artikel ontdek je wanneer DIY kruipkelder isolatie een goede keuze is, waar je op moet letten voor je begint en welke tips je helpen om vlot en proper te werken.
Zelf je kruipkelder isoleren is vooral interessant wanneer:
Het isoleren van een kruipruimte met isolatiechips gebeurt meestal in enkele duidelijke stappen.
Vermijd fouten en zorg voor het beste resultaat met praktische tips voor een correcte plaatsing.
## Waarom je kruipkelder zelf isoleren?
Een kruipkelder is vaak een vergeten ruimte onder de woning. Toch heeft die ruimte veel invloed op het comfort in huis. Koude lucht, vocht en condens kunnen via de kruipruimte doorwerken naar de vloer en de leefruimtes erboven.
Door je kruipkelder te isoleren, pak je die koude en vochtige zone aan. Je creëert een isolerende laag tussen de bodem van de kruipkelder en de vloer van je woning. Dat kan zorgen voor een drogere kruipruimte, minder koudegevoel aan de vloer en meer wooncomfort.
Zelf isoleren is vooral interessant als je graag kosten bespaart en als je kruipkelder bereikbaar genoeg is om zelf aan de slag te gaan.
Twijfel je of je kruipkelder geschikt is? Dan is het slim om de ruimte eerst goed te controleren of te laten nakijken. Niet elke kruipkelder is hetzelfde. De hoogte, vochtigheid, bereikbaarheid en staat van leidingen spelen allemaal een rol.
Isolatiechips zijn licht, los en makkelijk te verdelen. Dat maakt ze geschikt voor mensen die zelf hun kruipkelder willen isoleren. Je hoeft geen platen op maat te snijden, geen zware materialen te dragen en geen isolatie tegen de onderkant van de vloer te bevestigen.
De chips worden op de bodem van de kruipruimte aangebracht. Dat kan manueel, maar met een BLOWA doe-het-zelfblazer gaat het sneller en gelijkmatiger. Zeker bij grotere kruipruimtes of moeilijk bereikbare hoeken is dat handig.
Een ander voordeel is dat leidingen en kabels bereikbaar blijven. Omdat de chips los liggen, kan je ze later tijdelijk opzij schuiven wanneer er werken aan leidingen nodig zijn.
Een goede voorbereiding voorkomt problemen tijdens het isoleren. Kijk daarom eerst goed naar je kruipkelder.
Controleer of het kruipluik vlot open kan. Kijk of je veilig in de ruimte kan. Controleer of er afval, houtresten, stenen of oud bouwmateriaal liggen. Maak ook foto’s van leidingen en kabels voordat je de isolatiechips aanbrengt. Zo weet je later nog waar alles ligt.
Let ook op vochtplekken, lekken of houtrot. Een vochtige kruipkelder is niet automatisch een probleem, maar actieve lekken of beschadigde leidingen moeten eerst opgelost worden.
Voor DIY isolatie met isolatiechips heb je niet veel nodig.
Met twee personen gaat het meestal vlotter. Eén persoon vult de BLOWA, terwijl de andere persoon de chips in de kruipruimte verdeelt. Zo werk je sneller en krijg je een gelijkmatigere laag.
Meet de lengte en breedte van je kruipruimte. Zo bereken je de oppervlakte in vierkante meter. Daarna kies je de gewenste laagdikte.
Een laag van 30 cm is vooral gericht op vochtwering. Een laag van 50 cm is interessanter wanneer je naast vochtwering ook sterker wil isoleren.
Sommige kruipruimtes bestaan uit verschillende delen. Kijk daarom vooraf of alle zones bereikbaar zijn. Is er een afgesloten deel? Dan moet je bekijken of daar een doorgang nodig is of of de chips via een andere opening ingeblazen kunnen worden.
Voor je begint, maak je best enkele duidelijke foto’s van de kruipruimte. Fotografeer vooral leidingen, kabels, afvoeren en belangrijke aansluitingen.
Dat lijkt misschien overdreven, maar het is achteraf zeer handig. Als er ooit een herstelling nodig is, weet je waar alles zich bevindt.
Een gelijkmatige laag werkt beter dan een hoop chips op één plaats. Werk daarom rustig van achter naar voor. Blaas eerst de moeilijk bereikbare hoeken vol en werk daarna richting het kruipluik.
Zo vermijd je dat je door pas aangebrachte chips moet kruipen.
Zorg dat je het kruipluik na de plaatsing nog goed kan openen en sluiten. Leg de chips niet tot bovenaan tegen het luik. Hou de toegang praktisch, zeker als er later nog iemand in de kruipruimte moet zijn.
Te weinig isolatiechips bestellen is vervelend, want dan moet je achteraf bijbestellen en opnieuw plannen. Te veel bestellen wil je natuurlijk ook vermijden.
Gebruik daarom een calculator op basis van oppervlakte en laagdikte. Zo weet je vooraf hoeveel zakken je ongeveer nodig hebt.
Een kruipkelder zelf isoleren is haalbaar, maar er zijn een paar fouten die je beter vermijdt.
De eerste fout is beginnen zonder de kruipruimte op te ruimen. Afval, houtresten of oud materiaal kunnen in de weg liggen en maken het moeilijker om de chips mooi te verdelen.
Een tweede fout is de laagdikte te dun nemen. Een dunne laag kan wel wat effect hebben, maar voor echte isolatie en vochtwering is voldoende dikte belangrijk.
Een derde fout is geen rekening houden met leidingen. Maak vooraf foto’s en zorg dat belangrijke zones later nog bereikbaar blijven.
Een vierde fout is te snel werken. Neem de tijd om de chips gelijkmatig te verdelen. Zeker in hoeken en moeilijk bereikbare stukken wil je geen lege zones achterlaten.
Isolatiechips hebben verschillende voordelen voor doe-het-zelvers.
Ze zijn licht en makkelijk te verwerken. Je hebt geen zware machines of breekwerken nodig. De chips kunnen in lage of moeilijk bereikbare kruipruimtes worden ingeblazen. Ze helpen om koude en vocht vanuit de bodem te beperken. En omdat ze los liggen, blijft de kruipruimte toegankelijk voor latere controles of werken aan leidingen.
Daarnaast kies je zelf de laagdikte. Wil je vooral vochtwering? Dan kan een lagere laagdikte volstaan. Wil je sterker inzetten op isolatie en comfort? Dan kies je beter voor een dikkere laag.
Zelf je kruipkelder isoleren is een goede keuze als je kruipruimte bereikbaar is, je graag zelf werkt en je kosten wil besparen.
Maar soms is laten plaatsen verstandiger. Bijvoorbeeld wanneer de kruipruimte heel laag is, moeilijk bereikbaar is, uit meerdere afgesloten delen bestaat of wanneer je twijfelt over vocht, leidingen of houtrot.
In dat geval is een gratis inspectie geen overbodige luxe. Zo weet je vooraf welke oplossing het best past bij jouw woning.
Premies en voorwaarden kunnen veranderen. Controleer daarom altijd de actuele regels via Vlaanderen.be, Mijn VerbouwPremie of je gemeente.
Soms gelden er specifieke voorwaarden rond facturen, isolatiewaarde, uitvoering of doelgroep. Ga dus niet zomaar uit van een premie, maar controleer dit vooraf.
Wil je zelf aan de slag met isolatiechips?
Bereken dan eerst hoeveel zakken je nodig hebt op basis van je oppervlakte en gewenste laagdikte.
Twijfel je of jouw kruipkelder geschikt is?
Laat je kruipruimte dan eerst gratis nakijken.
Zo weet je zeker of DIY isolatie de juiste keuze is, of dat je beter voor professionele plaatsing kiest.
Bereken eenvoudig hoeveel isolatiechips je nodig hebt voor jouw kruipruimte.
Twijfel je of jouw kruipruimte geschikt is voor isolatie? Laat een specialist je kruipruimte vrijblijvend controleren.
Met isolatiechips en de BLOWA machine kan je zelf snel je kruipruimte isoleren.
We gebruiken cookies om onze website goed te laten werken en je ervaring zo prettig mogelijk te maken. Door cookies te accepteren, kunnen we zien hoe de site wordt gebruikt en deze blijven verbeteren.
Wil je dit niet? Geen probleem, zonder toestemming blijft de site gewoon bruikbaar, al werken sommige functies dan misschien iets minder goed.